Home
Informatie
Betje Wolff
Westerhem
Nieuws
Nieuwsarchief
Pronkstukken
Exposities
Publicaties
Historie
Actueel
Schouwschuit
Contact

Betjes Zomertentoonstelling 2007
'Rouw met een randje'
ademde een bijzondere sfeer

Middenbeemster 20 april 2007
Als vanouds was het 'Betjeweer' tijdens de officiële opening van de zomertentoonstelling 2007 "Rouw met een randje". Daarom kon het genodigde gezelschap weer heerlijk in de tuin van het museum plaatsnemen.

Inleiding

Zoals altijd begroette Alie Vis-Best, voorzitter van het museum, de gasten met een ontspannen praatje over het wel en wee van Betje Wolff. Zo vertelde ze over de grote schoonmaak, die in het huis weer gewoed had, de nieuwe vitrage in de voorkamer, die door een van de vrijwilligers was aangeschaft en gemaakt en dat de steentjes in de voortuin aan de Middenweg inmiddels weer helder opgepoetst waren.

Maar ze vertelde ook dat tijdens de 'winterslaap' van oktober t/m april zich heel wat achter de schermen afspeelt. Er moet immers een nieuwe tentoonstelling worden voorbereid. Ideeën zijn er altijd wel genoeg. Vaak is dat nog het meeste werk, het inrichten neemt meestal niet meer dan enkele weken in beslag, want het museum beschikt over heel veel artikelen in depot, die dan eens te voorschijn kunnen worden gehaald. Zoals bijvoorbeeld het zwarte rouwservies, dat op de uitnodiging als foto was geplaatst, maar ook de prachtige zwarte japon, die op de dag van de begrafenis werd gedragen.

Betje, Alie's tweede huis
Tijdens een bezoekje voor de opening had Alie desgevraagd al verteld dat voor haarh et museum al gewoon haar tweede huis is. "Eigenlijk zie je dan het bijzondere ervan niet meer zo. Je bent aan de vaste tentoonstelling al zo gewend en dan is het natuurlijk heel erg leuk om daar eens verandering in aan te brengen in het kader van een tentoonstelling. Daar doen we heel erg veel aan. We proberen zoveel mogelijk artikelen in het depot te vinden, maar ook krijgen we heel veel in bruikleen van particulieren of andere musua. Zo zijn we heel gelukkig met het grote schilderij dat een opgebaard jong meisje voorstelt. Het werd geschilderd in 1927door Piet van Wijngaerdt en Gerard van Yperen".
In die tijd gebeurde dat nog wel eens en zeker in de voorgaande eeuwen. Zo'n schilderij werd op een prominente plaats gehangen. Hoe opvallend dit schilderij is, blijkt wel bij binnenkomst in de domineeskamer.

Confronterend?
"Zo probeer je in het museum overal iets op te stellen dat met de dood te maken heeft, maar vooral niet te opvallend, want de argeloze bezoeker, die niet van deze tentoonstelling afweet, moet niet al te zeer geconfronteerd worden met wellicht eigen verdriet.

Kinderen staan er heel vrij tegenover, heb ik wel gemerkt. In het kader van het project "Wonen" van Karel en de Kikkerkoning brengen alle scholen in deze periode een bezoek aan het museum en het is opmerkelijk hoe ze op zo'n schilderij reageren. De één zegt: "die ligt te slapen', maar de ander weet wel precies wat er aan de hand is. Ik vind het echt een prachtig schilderij."
Zo is er in de meeste kamers een sfeertje te proeven van een huis waarin gerouwd wordt. "Niet alle kamers hoor! ", verzekert Alie. Zo hebben we ook niet de gordijnen gesloten, zoals dat in een sterfhuis vroeger wel het geval was. En er is geen zand voor de deur gestrooid om de geluiden te dempen. Voor de grote spiegel in de voorkamer is wel een doek gehangen, maar niet helemaal bedekkend."
Ja Betje is dus wel een beetje in rouw gedompeld, maar het is zeker heel bijzonder om deze tentoonstelling eens te bezoeken en alle bij elkaar gebrachte voorwerpen, die met rouw (die immers van alle tijden is) te maken hebben.

Dieuw Schuijtemaker
Terug naar de opening van de tentoonstelling op 20 april.
Dieuw Schuijtemaker, die nog niet zo heel lang voor begrafenisvereniging De Laatste Eer in Grosthuizen begrafenissen verzorgt, was uitgenodigd om iets over dit bijzondere werk te vertellen. Ze stelde haar toespraak ter beschikking, waaruit een aantal zinsneden zijn gehaald.

Hoe kom je hierin verzeild
”Als je in het pak van Herman Schouten past, mag je dragen”
Zo begon ik, jaren geleden bij onze begrafenisvereniging De Laatste Eer in Grosthuizen, Scharwoude en Avenhorn", aldus Dieuw. "Bij iedere jaarvergadering werd er weer geklaagd over het tekort aan dragers. De gemiddelde leeftijd was hoog, vaak zijn het gepensioneerde oude mannen, een boer, een tuinder, een garagehouder. Die leggen hun werk even neer, gaan te dragen en gaan daarna gewoon weer verder. Ik ben gemeenteambtenaar, altijd in de buurt en kan ook af en toe wel even weg. En … ik ben minstens zo sterk als al die andere krasse knarren
Zo raakte ik betrokken bij de dood".

Ze las daarna een gedicht voor van P.N. van Eyck.
Ze vertelde ook iets over haar opleiding, want je bent maar niet zo begrafenisondernemer.

Rouwen om een overledene
Is van overal en van alle tijden
In één van m’n lesboeken van de opleiding tot uitvaartleider staat dat er rituelen worden uitgevoerd om houvast te hebben in een tijd dat de hele wereld op z’n kop lijkt te staan.
Rituelen geven vastigheid, je kunt iets doen, zoals het stilzetten van de klok, het blinderen van de ramen of het hangen van een laken voor de spiegel.

Heel veel van die oude gebruiken worden getoond en toegelicht in deze tentoonstelling. Het is een hele brede opleiding.
Je leert ook over de gebruiken van moslims, joden, Hindoestanen, chinezen, creolen …
Het rouwen en omgaan met de dood gaat overal weer anders Alles rondom de dood is aan mode onderhevig en door een multiculturele samenleving neem je - ook rondom de dood - dingen van elkaar over

De tuinman en de dood…
Een Perzische Edelman:
Van morgen ijlt mijn tuinman, wit van schrik,
Mijn woning in: “Heer, Heer één ogenblik!
Ginds, in de rooshof, snoeide ik loot na loot,
Toen keek ik achter mij. Daar stond de Dood.
Ik schrok, en haastte mij langs de andere kant,
Maar zag nog juist de dreiging van zijn hand.
Meester, uw paard, en laat mij spoorslags gaan,
Voor de avond nog bereik ik Ispahaan!” –
Van middag (lang reeds was hij heengespoed)
Heb ik in ’t cederpark de Dood ontmoet.
“Waarom,” zo vraag ik, want hij wacht en zwijgt,
“Hebt gij van morgen vroeg mijn knecht gedreigd?”
Glimlachend antwoordt hij: “Geen dreiging was ‘t,
Waarvoor uw tuinman vlood. Ik was verrast,
Toen ‘k ’s morgens hier nog stil
aan ’t werk zag staan,
Die ‘k ’s avonds halen moest in Ispanaan.”

Keuzes
En Dieuw gaf voorbeelden van alle keuzes, die tijdens een begrafenis moeten worden gemaakt, variërend van: begraven of cremeren tot cake, koek of broodjes en van plaatsen van advertenties, drukken van kaarten of de kleur en kwaliteit van een kist tot de muziek, die gespeeld moet worden.. " Omdat ik overdreven poespas en uiterlijk vertoon zelf niet ambieer, zal ik dat een ander ook zeker niet opdringen. Mijn motto in deze branche is: houd het vooral simpel" .
"Sommigen, die hun einde voelen naderen, bespreken mij alvast", vertelde ze. " Ze vinden het een geruststelling te weten dat ik de boel zal regelen.

Daarna waren er bloemen voor Dieuw en konden de genodigden in het museum zelf een kijkje gaan nemen.

Het Museum Betje Wolff is vanaf 1 mei van maandag t/m vrijdag geopend. Klik het fotootje links voor meer informatie en openingstijden van Museum Betje Wolff